Wat jij kunt doen
… en veerkracht
… en ingrijpende jeugdervaringen
Wat het is
‘Het negatieve omzetten in iets positiefs’
‘Soms vind je in de meest duistere en chaotische plekken het licht. Het maakt niet uit in wat voor situatie je zit als je de hoop niet opgeeft en je ondanks alle chaos bij jezelf leert te blijven. Zo kan je het negatieve omzetten in iets positiefs.’ (Augeo Jongerentaskforce-lid Adiza)
Pro-sociale vaardigheden
Sociale vaardigheden
Betekenisverlening
Om veerkrachtig te kunnen functioneren, is het belangrijk dat kinderen zich verbonden voelen met anderen. Pro-sociale vaardigheden helpen hen om warme, ondersteunende relaties op te bouwen en goed samen te leven met de mensen om hen heen.
Laat het kind minstens één week elke dag drie dingen opschrijven die die dag een goede dag maken. Bijvoorbeeld iets leuks dat gebeurd is, iets waar ze trots op zijn, iets wat ze geleerd hebben. Dit helpt kinderen hun aandacht te richten op het positieve.
B.
Laat het kind minstens één week elke dag drie dingen opschrijven die ze voor een ander hebben gedaan
A.
Kinderen leren vooral door te oefenen en te herhalen. Dat kan bijvoorbeeld op de volgende manieren:
Oefen pro-sociale vaardigheden
Laat kinderen helpen bij dagelijkse taken, iets bedenken voor een ander, of zelf een oplossing aandragen in een conflictsituatie. Bijvoorbeeld: ‘Wil je Pien helpen haar veters te strikken?’, ‘Wil jij iets verzinnen om Tom op te vrolijken?’ of ‘Wat zou je kunnen doen om het goed te maken?’
Niet elk kind uit zorgzaamheid op dezelfde manier. Het ene kind biedt hulp met woorden, het andere met een tekening of door iets samen te doen. Help kinderen hun eigen manier te vinden.
Geef kinderen de kans om echt iets te betekenen
4.
Help kinderen zich in te leven in een ander. Vraag: ‘Hoe denk je dat hij zich voelde?’, of ‘Wat zou jij fijn vinden als jij in haar schoenen stond?’ Dat stimuleert empathie.
Stimuleer empathie
3.
Zeg niet alleen ‘Wat lief van je’, maar benoem wat je zag: ‘Je gaf haar een plekje naast je – ik zag dat ze dat fijn vond. Dat was echt aardig van je’, of ‘Wat fijn dat je hielp zonder dat iemand het vroeg.’ Zo leert het kind wat pro-sociaal gedrag inhoudt.
Benoem en waardeer pro-sociaal gedrag concreet
2.
Laat in je eigen gedrag zien wat empathie, dankbaarheid of behulpzaamheid is. Benoem het ook: ‘Ik zag dat iemand zijn fiets niet recht kreeg, dus ik hielp even’, of ‘Ik stuurde een berichtje om te vragen hoe het ging.’
Geef zelf het goede voorbeeld.
1.
Pro-sociaal gedrag groeit in een omgeving waarin het wordt herkend, gewaardeerd én ruimte krijgt om op een vrije manier tot uiting te komen. Hieronder vind je manieren om kinderen daarin te begeleiden:
Hoe kun je kinderen helpen hun pro-sociale vaardigheden te versterken?
Lees hier het wetenschappelijke artikel over sociale vaardigheden
Pro-sociaal gedrag versterkt veerkracht op meerdere niveaus. Kinderen die iets betekenen voor anderen, ervaren dat zij er toe doen. Ze voelen zich verbonden, krijgen positieve reacties, en ontwikkelen een gevoel van zingeving en zelfwaarde.
Pro-sociaal gedrag bevordert ook sociale steun. Kinderen die zorgzaam, eerlijk en betrokken zijn, bouwen sneller positieve relaties op. Die relaties zijn op hun beurt weer een bron van bescherming, steun en herstel.
Daarnaast geven pro-sociale acties kinderen een gevoel van betekenis en invloed. Door iets te betekenen voor een ander, ervaren kinderen dat zij verschil kunnen maken. Dit vergroot hun zelfvertrouwen, hun gevoel van eigenwaarde en hun optimisme over zichzelf en de wereld.
Dankbaarheid blijkt bijvoorbeeld sterk samen te hangen met meer positieve emoties, minder piekergedrag en minder nadruk op negatieve ervaringen. Dankbaarheid helpt kinderen niet alleen om gelukkiger te zijn, maar ook om meer pro-sociaal gedrag te tonen en hechtere relaties op te bouwen.
Bovendien versterkt pro-sociaal gedrag andere veerkrachtelementen zoals zelfeffectiviteit, sociale vaardigheden en betekenisverlening. Het draagt bij aan het gevoel: ik kan iets betekenen – voor mezelf én voor een ander.
Hoe hangen pro-sociale vaardigheden samen met veerkracht?
Kinderen die opgroeien in een onveilige of stressvolle omgeving hebben vaak minder gelegenheid gehad om pro-sociale vaardigheden op een gezonde manier te ontwikkelen. Als een kind voortdurend bezig is met overleven, is er minder ruimte om zich in anderen te verplaatsen of zorg voor anderen te tonen.
Sommige kinderen hebben onvoldoende goede voorbeelden gehad van zorgzaam gedrag. Als er thuis weinig empathie is of als hulp vragen wordt afgestraft, kan een kind leren dat zorgen voor een ander niet veilig of niet belangrijk is. Ook kunnen kinderen die mishandeld of verwaarloosd zijn moeite hebben met het herkennen van sociale signalen: zij reageren sneller op negatieve emoties zoals boosheid en vinden het daardoor lastiger om steunend of zorgzaam gedrag te tonen.
Anderzijds zie je soms ook het tegenovergestelde: kinderen die zó gewend zijn om voor anderen te zorgen (bijvoorbeeld voor broertjes of ouders), dat ze zichzelf volledig wegcijferen. Hun zorgzaamheid is dan niet pro-sociaal in de gezonde zin, maar een overlevingsstrategie.
Ingrijpende jeugdervaringen en pro-sociale vaardigheden
Pro-sociale vaardigheden vragen niet alleen om afstemming op de ander, maar bijvoorbeeld ook om empathie (het kunnen begrijpen wat een ander voelt of doormaakt), compassie (je betrokken voelen bij het verdriet of lijden van een ander), dankbaarheid (het kunnen waarderen wat je hebt of wat anderen voor je doen) en vergevingsgezindheid (in staat zijn om iemand die je pijn heeft gedaan een nieuwe kans te geven). Je voelt iets bij wat de ander meemaakt én je bent bereid iets te doen om de situatie beter te maken.
Kinderen ontwikkelen deze vaardigheden in eerste instantie in de thuissituatie, door het voorbeeld van ouders of verzorgers. Later leren ze ook via andere sociale contexten, zoals op school, bij de sportclub of in de kerk, hoe je met anderen omgaat.
Kinderen leren pro-sociaal gedrag niet door regels, maar door ervaringen: door te ervaren hoe het is om iets te betekenen voor een ander, door zelf steun en vriendelijkheid te ontvangen, en door te merken dat hun acties verschil maken.
‘Ik zeg nu vaker bedankt, omdat ik merk dat anderen dat waarderen.’ (ervaringsdeskundige Robin)
Pro-sociale vaardigheden zijn gedragingen en eigenschappen waarmee het kind rekening houdt met anderen en bijdraagt aan hun welzijn. Denk aan helpen, delen, luisteren, troosten of sorry zeggen. Kinderen met sterke pro-sociale vaardigheden zijn in staat om zich in te leven in anderen, hulp aan te bieden als iemand verdrietig is, of op te komen voor iemand die wordt buitengesloten.
Wat zijn pro-sociale vaardigheden?
Sociale vaardigheden
Betekenisverlening
Laat het kind minstens één week elke dag drie dingen opschrijven die die dag een goede dag maken. Bijvoorbeeld iets leuks dat gebeurd is, iets waar ze trots op zijn, iets wat ze geleerd hebben. Dit helpt kinderen hun aandacht te richten op het positieve.
B.
Laat het kind minstens één week elke dag drie dingen opschrijven die ze voor een ander hebben gedaan
A.
Kinderen leren vooral door te oefenen en te herhalen. Dat kan bijvoorbeeld op de volgende manieren:
Oefen pro-sociale vaardigheden
Laat kinderen helpen bij dagelijkse taken, iets bedenken voor een ander, of zelf een oplossing aandragen in een conflictsituatie. Bijvoorbeeld: ‘Wil je Pien helpen haar veters te strikken?’, ‘Wil jij iets verzinnen om Tom op te vrolijken?’ of ‘Wat zou je kunnen doen om het goed te maken?’
Niet elk kind uit zorgzaamheid op dezelfde manier. Het ene kind biedt hulp met woorden, het andere met een tekening of door iets samen te doen. Help kinderen hun eigen manier te vinden.
Geef kinderen de kans om echt iets te betekenen
4.
Help kinderen zich in te leven in een ander. Vraag: ‘Hoe denk je dat hij zich voelde?’, of ‘Wat zou jij fijn vinden als jij in haar schoenen stond?’ Dat stimuleert empathie.
Stimuleer empathie
3.
Zeg niet alleen ‘Wat lief van je’, maar benoem wat je zag: ‘Je gaf haar een plekje naast je – ik zag dat ze dat fijn vond. Dat was echt aardig van je’, of ‘Wat fijn dat je hielp zonder dat iemand het vroeg.’ Zo leert het kind wat pro-sociaal gedrag inhoudt.
Benoem en waardeer pro-sociaal gedrag concreet
2.
Laat in je eigen gedrag zien wat empathie, dankbaarheid of behulpzaamheid is. Benoem het ook: ‘Ik zag dat iemand zijn fiets niet recht kreeg, dus ik hielp even’, of ‘Ik stuurde een berichtje om te vragen hoe het ging.’
Geef zelf het goede voorbeeld.
1.
Pro-sociaal gedrag groeit in een omgeving waarin het wordt herkend, gewaardeerd én ruimte krijgt om op een vrije manier tot uiting te komen. Hieronder vind je manieren om kinderen daarin te begeleiden:
Hoe kun je kinderen helpen hun pro-sociale vaardigheden te versterken?
Lees hier het wetenschappelijke artikel over sociale vaardigheden
Pro-sociaal gedrag versterkt veerkracht op meerdere niveaus. Kinderen die iets betekenen voor anderen, ervaren dat zij er toe doen. Ze voelen zich verbonden, krijgen positieve reacties, en ontwikkelen een gevoel van zingeving en zelfwaarde.
Pro-sociaal gedrag bevordert ook sociale steun. Kinderen die zorgzaam, eerlijk en betrokken zijn, bouwen sneller positieve relaties op. Die relaties zijn op hun beurt weer een bron van bescherming, steun en herstel.
Daarnaast geven pro-sociale acties kinderen een gevoel van betekenis en invloed. Door iets te betekenen voor een ander, ervaren kinderen dat zij verschil kunnen maken. Dit vergroot hun zelfvertrouwen, hun gevoel van eigenwaarde en hun optimisme over zichzelf en de wereld.
Dankbaarheid blijkt bijvoorbeeld sterk samen te hangen met meer positieve emoties, minder piekergedrag en minder nadruk op negatieve ervaringen. Dankbaarheid helpt kinderen niet alleen om gelukkiger te zijn, maar ook om meer pro-sociaal gedrag te tonen en hechtere relaties op te bouwen.
Bovendien versterkt pro-sociaal gedrag andere veerkrachtelementen zoals zelfeffectiviteit, sociale vaardigheden en betekenisverlening. Het draagt bij aan het gevoel: ik kan iets betekenen – voor mezelf én voor een ander.
Hoe hangen pro-sociale vaardigheden samen met veerkracht?
‘Het negatieve omzetten in iets positiefs’
‘Soms vind je in de meest duistere en chaotische plekken het licht. Het maakt niet uit in wat voor situatie je zit als je de hoop niet opgeeft en je ondanks alle chaos bij jezelf leert te blijven. Zo kan je het negatieve omzetten in iets positiefs.’ (Augeo Jongerentaskforce-lid Adiza)
Pro-sociale vaardigheden vragen niet alleen om afstemming op de ander, maar bijvoorbeeld ook om empathie (het kunnen begrijpen wat een ander voelt of doormaakt), compassie (je betrokken voelen bij het verdriet of lijden van een ander), dankbaarheid (het kunnen waarderen wat je hebt of wat anderen voor je doen) en vergevingsgezindheid (in staat zijn om iemand die je pijn heeft gedaan een nieuwe kans te geven). Je voelt iets bij wat de ander meemaakt én je bent bereid iets te doen om de situatie beter te maken.
Kinderen ontwikkelen deze vaardigheden in eerste instantie in de thuissituatie, door het voorbeeld van ouders of verzorgers. Later leren ze ook via andere sociale contexten, zoals op school, bij de sportclub of in de kerk, hoe je met anderen omgaat.
Kinderen leren pro-sociaal gedrag niet door regels, maar door ervaringen: door te ervaren hoe het is om iets te betekenen voor een ander, door zelf steun en vriendelijkheid te ontvangen, en door te merken dat hun acties verschil maken.
‘Ik zeg nu vaker
bedankt, omdat ik
merk dat anderen dat waarderen.’ (ervaringsdeskundige Robin)
Pro-sociale vaardigheden zijn gedragingen en eigenschappen waarmee het kind rekening houdt met anderen en bijdraagt aan hun welzijn. Denk aan helpen, delen, luisteren, troosten of sorry zeggen. Kinderen met sterke pro-sociale vaardigheden zijn in staat om zich in te leven in anderen, hulp aan te bieden als iemand verdrietig is, of op te komen voor iemand die wordt buitengesloten.
Wat zijn pro-sociale vaardigheden?
Kinderen die opgroeien in een onveilige of stressvolle omgeving hebben vaak minder gelegenheid gehad om pro-sociale vaardigheden op een gezonde manier te ontwikkelen. Als een kind voortdurend bezig is met overleven, is er minder ruimte om zich in anderen te verplaatsen of zorg voor anderen te tonen.
Sommige kinderen hebben onvoldoende goede voorbeelden gehad van zorgzaam gedrag. Als er thuis weinig empathie is of als hulp vragen wordt afgestraft, kan een kind leren dat zorgen voor een ander niet veilig of niet belangrijk is. Ook kunnen kinderen die mishandeld of verwaarloosd zijn moeite hebben met het herkennen van sociale signalen: zij reageren sneller op negatieve emoties zoals boosheid en vinden het daardoor lastiger om steunend of zorgzaam gedrag te tonen.
Anderzijds zie je soms ook het tegenovergestelde: kinderen die zó gewend zijn om voor anderen te zorgen (bijvoorbeeld voor broertjes of ouders), dat ze zichzelf volledig wegcijferen. Hun zorgzaamheid is dan niet pro-sociaal in de gezonde zin, maar een overlevingsstrategie.
Ingrijpende jeugdervaringen en pro-sociale vaardigheden
Pro-sociale vaardigheden
Om veerkrachtig te kunnen functioneren, is het belangrijk dat kinderen zich verbonden voelen met anderen. Pro-sociale vaardigheden helpen hen om warme, ondersteunende relaties op te bouwen en goed samen te leven met de mensen om hen heen.